DNS-instellingen
Nadat je een sender domain hebt toegevoegd aan SMTPeter, stel je de bijbehorende DNS-records in. Hiermee kunnen ontvangende mailservers controleren of SMTPeter namens je domein e-mail mag verzenden.
SMTPeter geeft aan welke records je nodig hebt. In dit artikel lees je hoe je een configuratie kiest, DNS-records toevoegt, de status controleert en problemen oplost.
De configuratie kan records bevatten voor SPF, DKIM, DMARC, klikregistratie, mailroutering en domeinvalidatie. Welke records nodig zijn, hangt af van je sender domain en de ingestelde functies.
Let op: de DNS-waarden in dit artikel zijn voorbeelden van één mogelijke configuratie. Neem ze niet letterlijk over. Gebruik de waarden die SMTPeter voor jouw sender domain teruggeeft en controleer bestaande records voordat je iets wijzigt. Vooral wijzigingen aan SPF, MX en DMARC kunnen invloed hebben op andere e-maildiensten.
DNS-configuratie kiezen
SMTPeter biedt twee manieren om DNS-records te configureren.
Aanbevolen configuratie
Voor de meeste gebruikers is de aanbevolen configuratie geschikt. Je maakt CNAME-records aan die verwijzen naar door SMTPeter beheerde DNS-instellingen, onder andere voor DKIM en DMARC.
Een CNAME-record verwijst van de ene hostnaam naar een andere. Daardoor kan SMTPeter achterliggende instellingen aanpassen zonder dat je steeds je eigen DNS-records hoeft te wijzigen. Dit maakt bijvoorbeeld automatische rotatie van DKIM-sleutels mogelijk.
Je blijft verantwoordelijk voor het toevoegen van de records bij je DNS-provider en voor het controleren van eventuele conflicten met bestaande instellingen.
Je vraagt de aanbevolen records op via:
https://www.smtpeter.com/v1/dns/yourdomain.com/recommended
Self-hosted configuratie
Met de self-hosted configuratie beheer je de onderliggende DNS-records zelf, zonder de CNAME-verwijzingen die SMTPeter voor bepaalde authenticatierecords aanbeveelt.
Deze configuratie is geschikt voor organisaties die hun DNS-records rechtstreeks willen beheren, bijvoorbeeld vanwege interne beveiligingsrichtlijnen of specifieke DNS-eisen. Je bent zelf verantwoordelijk voor het bijwerken van je DNS-records wanneer SMTPeter andere waarden gebruikt.
Bij self-hosted beheer moet je wijzigingen in bijvoorbeeld DKIM-sleutels zelf verwerken. Als je dat niet doet, kunnen authenticatiecontroles mislukken.
Je vraagt de self-hosted records op via:
https://www.smtpeter.com/v1/dns/yourdomain.com/selfhosted
Vervang bij beide endpoints yourdomain.com door je sender domain,
bijvoorbeeld example.com als je verzendt vanaf info@example.com.
Beide endpoints geven een JSON-array met DNS-records terug die je bij je DNS-provider kunt instellen.
Raadpleeg de SMTPeter API-documentatie voor de vereiste HTTP-methode en eventuele authenticatie.
DNS-records toevoegen
Onderstaand JSON-voorbeeld toont één mogelijke aanbevolen configuratie. Het is geen complete of universeel toepasbare set DNS-records.
[
{
"name": "zero._domainkey.example.com",
"type": "CNAME",
"value": "dkimX0.smtpeter.com"
},
{
"name": "one._domainkey.example.com",
"type": "CNAME",
"value": "dkimX1.smtpeter.com"
},
{
"name": "two._domainkey.example.com",
"type": "CNAME",
"value": "dkimX2.smtpeter.com"
},
{
"name": "example.com",
"type": "MX",
"value": "0 mail.smtpeter.com"
},
{
"name": "clicks.example.com",
"type": "CNAME",
"value": "clicks.smtpeter.com"
},
{
"name": "example.com",
"type": "TXT",
"value": "v=spf1 include:spfX.smtpeter.com -all"
},
{
"name": "_dmarc.example.com",
"type": "CNAME",
"value": "dmarcX.smtpeter.com"
}
]
Let op: voeg het voorbeeld-MX-record niet zomaar toe aan je hoofddomein. Als je e-mail ontvangt via een andere provider, kan een wijziging in de MX-records de bezorging van inkomende e-mail verstoren. Ook het voorbeeld met
-allis niet zonder meer geschikt als andere diensten namens je domein verzenden.
Elk object bevat drie eigenschappen:
| Eigenschap | Betekenis |
|---|---|
name |
De domeinnaam of hostnaam waarvoor het record geldt. |
type |
Het recordtype, bijvoorbeeld CNAME, TXT of MX. |
value |
De waarde die je bij je DNS-provider instelt. |
Een CNAME-record toevoegen
Stel dat SMTPeter dit record teruggeeft:
{
"name": "clicks.example.com",
"type": "CNAME",
"value": "clicks.smtpeter.com"
}
Als je de DNS-zone van example.com beheert, kun je bij een provider die
de domeinnaam automatisch aanvult het volgende invullen:
| Veld | Waarde |
|---|---|
| Naam / Host | clicks |
| Type | CNAME |
| Waarde / Doel | clicks.smtpeter.com |
Sommige DNS-providers verwachten de volledige naam clicks.example.com.
Controleer daarom hoe jouw provider hostnamen verwerkt.
Voeg de overige records op dezelfde manier toe, maar controleer eerst of er al records voor dezelfde naam bestaan. Een CNAME-record kan niet samen met andere reguliere DNS-recordtypen op dezelfde hostnaam bestaan.
Verwijder bestaande records niet zonder te controleren waarvoor ze worden gebruikt.
DNS-configuratie controleren
Nadat je alle benodigde records hebt toegevoegd, controleer je of SMTPeter de juiste DNS-instellingen terugvindt.
Je vraagt de status op via:
https://www.smtpeter.com/v1/dns/yourdomain.com/status
Vervang yourdomain.com door je sender domain. SMTPeter controleert
of de gevonden DNS-instellingen aan de verwachte configuratie voldoen.
Een mogelijke statusrespons is:
{
"dmarc": "ok",
"dkim": "error",
"spf": "ok",
"mx": "ok",
"a": "ok",
"caa": "ok",
"validation": "ok"
}
| Eigenschap | Betekenis |
|---|---|
dmarc |
Controle van de DMARC-configuratie. |
dkim |
Controle van de verwachte DKIM-records. |
spf |
Controle van de SPF-configuratie. |
mx |
Controle van de relevante MX-records. |
a |
Controle van relevante A-records voor IPv4-adressen. |
caa |
Controle van relevante CAA-instellingen. |
validation |
Controle of het sender domain is gevalideerd. |
In dit voorbeeld betekent ok dat de betreffende controle is geslaagd.
error betekent dat de controle niet aan de verwachte instellingen voldoet.
Dat betekent niet noodzakelijk dat alle e-mailverzending mislukt.
Bij een foutmelding kun je de volgende controles uitvoeren:
| Status | Wat kun je controleren? |
|---|---|
dkim: "error" |
Controleer de DKIM-selectors en DNS-waarden. |
spf: "error" |
Controleer het SPF-record en eventuele conflicten. |
dmarc: "error" |
Controleer het DMARC-record en de verwijzing. |
mx: "error" |
Controleer de MX-records en bestaande mailroutering. |
a: "error" |
Controleer de A-records van de betrokken hostnamen. |
caa: "error" |
Controleer de CAA-records voor certificaatuitgifte. |
validation: "error" |
Controleer de domeinvalidatie. |
Welke certificaatautoriteit SMTPeter nodig heeft, hangt af van de actuele configuratie. Controleer de vereisten voordat je CAA-records wijzigt.
Domeinvalidatie is niet hetzelfde als een volledige DNS-controle.
validation: "ok" bevestigt alleen de domeinvalidatie. SPF, DKIM en
DMARC worden afzonderlijk gecontroleerd.
Problemen oplossen
Een record ontbreekt of heeft een onjuiste waarde
Vergelijk de naam, het type en de waarde met de records die SMTPeter voor jouw domein teruggeeft. Controleer ook of je DNS-provider de domeinnaam automatisch aanvult. Extra of ontbrekende tekens kunnen vooral bij TXT- en CNAME-records problemen veroorzaken.
Er bestaan meerdere SPF-records
Een domein mag maar één SPF-record hebben. Meerdere TXT-records die met
v=spf1 beginnen, kunnen een SPF-permerror veroorzaken.
Combineer daarom de benodigde mechanismen in één geldig SPF-record. Controleer ook andere verzenddiensten. SPF staat maximaal tien DNS-lookups toe voor mechanismen en modifiers die een DNS-lookup veroorzaken. Bij overschrijding kan de SPF-controle mislukken.
DNS-wijzigingen zijn nog niet zichtbaar
Door caching kan het even duren voordat nieuwe DNS-waarden zichtbaar worden. Houd bij het opnieuw controleren rekening met de TTL van de records.
Blijft een fout bestaan? Controleer of de wijziging is opgeslagen bij de juiste DNS-provider en of de autoritatieve DNS-servers de nieuwe waarde teruggeven.
Houd bij automatische statuscontroles rekening met DNS-caching, de TTL en eventuele API-limieten.
Bestaande records veroorzaken conflicten
Controleer bestaande SPF-, DMARC- en MX-records voordat je ze wijzigt.
Verwerk je DNS-aanbevelingen automatisch? Vergelijk dan eerst de bestaande records met de aanbevolen waarden. Zo voorkom je dat je andere e-maildiensten onbedoeld beïnvloedt.
Uitleg van de DNS-records
DKIM
DKIM (DomainKeys Identified Mail) gebruikt een digitale handtekening om te controleren of een e-mail met de bijbehorende privésleutel is ondertekend en onderweg niet is gewijzigd.
SMTPeter ondertekent uitgaande e-mail. Ontvangende mailservers controleren de handtekening met een publieke sleutel die via DNS beschikbaar is.
De aanbevolen configuratie kan meerdere selectors bevatten:
zero._domainkey.example.com
one._domainkey.example.com
two._domainkey.example.com
De selectors zero, one en two bepalen welke publieke sleutel bij
een handtekening hoort. Met meerdere selectors kan SMTPeter DKIM-sleutels
roteren.
Eerdere handtekeningen kunnen worden gecontroleerd zolang de bijbehorende publieke sleutels beschikbaar zijn.
Bij de aanbevolen configuratie verwijzen CNAME-records naar SMTPeter. Je hoeft de publieke sleutels dan niet zelf bij te werken.
Meer informatie vind je in DKIM signing.
SPF
SPF (Sender Policy Framework) bepaalt welke servers e-mail mogen verzenden namens het domein dat bij de envelope sender wordt gebruikt. Dat hoeft niet hetzelfde te zijn als het zichtbare afzenderadres.
Een SPF-record wordt als TXT-record gepubliceerd. Een voorbeeld:
v=spf1 include:spfX.smtpeter.com -all
Met include neem je de SPF-instellingen van de opgegeven dienst op.
-all geeft een SPF-failresultaat voor verzenders die niet door de
voorafgaande mechanismen zijn toegestaan.
Gebruik altijd de SPF-waarden die SMTPeter voor jouw domein teruggeeft.
Heb je al een SPF-record? Voeg dan geen tweede SPF-record toe en vervang het bestaande record niet zonder de andere verzenddiensten mee te nemen.
Meer informatie vind je in SPF-validatie.
DMARC
DMARC (Domain-based Message Authentication, Reporting and Conformance) bouwt voort op SPF en DKIM. Het controleert of een geslaagde SPF- of DKIM-authenticatie is afgestemd op het zichtbare afzenderdomein.
Met DMARC bepaal je hoe ontvangende mailservers omgaan met berichten die niet aan de controles voldoen. Je kunt ook rapportages ontvangen.
Een mogelijke aanbevolen verwijzing is:
_dmarc.example.com CNAME dmarcX.smtpeter.com
Hiermee verwijst je DMARC-hostnaam naar een door SMTPeter beheerde configuratie.
Controleer voordat je een bestaande DMARC-configuratie vervangt of andere verzenddiensten hetzelfde domein gebruiken.
Een gewijzigd DMARC-beleid kan ervoor zorgen dat berichten van andere verzenddiensten worden geweigerd of in de spammap terechtkomen als deze niet aan de vereiste authenticatie en domeinafstemming voldoen.
Meer informatie vind je in DMARC deployment.
Klikdomein
Met een eigen klikdomein kunnen links in je e-mails verwijzen naar een subdomein van je eigen domein. SMTPeter registreert de klik en stuurt de ontvanger door naar de oorspronkelijke bestemming.
Een mogelijk record is:
clicks.example.com CNAME clicks.smtpeter.com
De daadwerkelijke hostnaam hangt af van het klikdomein dat je hebt ingesteld.
MX
Een MX-record (Mail Exchanger) bepaalt naar welke mailservers inkomende e-mail voor een domein wordt gerouteerd.
Een mogelijk record is:
example.com MX 0 mail.smtpeter.com
De waarde 0 is de prioriteit. Dit voorbeeld is niet voor ieder
sender domain geschikt.
Gebruik je een andere provider voor inkomende e-mail? Vervang dan niet zomaar de bestaande MX-records. Controleer eerst voor welk domein of subdomein SMTPeter het record aanbeveelt en waarvoor het nodig is.
Niet iedere SMTPeter-configuratie vereist een wijziging van de MX-records van het hoofddomein.